De 25 Game Changers van de SR-methode
De wetenschap, de impact – en waarom SR alles verandert
1. Leren begint pas in rust
Stress blokkeert leervermogen. Honden leren pas écht als hun zenuwstelsel in de ruststand komt.
→ Daarom start SR altijd bij ontspanning.
*(Bron: Yerkes & Dodson, 1908)*
2. Jouw zenuwstelsel reguleert dat van je hond
Honden spiegelen letterlijk jouw stress of rust. Wat jij voelt, voelen zij.
→ Daarom traint SR eerst de handler.
*(Bron: Katayama et al., 2016)*
3. Samenwerking werkt beter dan gehoorzaamheid
Honden die zich verbonden voelen, presteren betrouwbaarder dan honden die alleen “luisteren”.
→ SR bouwt aan relatie, niet aan onderwerping.
*(Bron: Udell & Range, 2015)*
4. Co-regulatie via oogcontact
Oogcontact tussen hond en mens verhoogt oxytocine: het ‘verbondenheids-hormoon’.
→ SR gebruikt dit als natuurlijk anker.
*(Bron: Nagasawa et al., 2009)*
5. Stress verandert hersenen én gedrag
Langdurige stress verandert hoe honden denken, leren en reageren.
→ SR voorkomt chronische opbouw en herstelt balans.
*(Bron: Sapolsky, 2004)*
6. Klassieke conditionering = veiligheid voorspellen
Wat voorspelbaar is, voelt veilig. Associaties zijn krachtiger dan instructies.
→ SR maakt veiligheid zichtbaar en voelbaar.
*(Bron: Pavlov, 1927)*
7. Gedrag ontstaat uit gevolg, niet uit karakter
Gedrag verandert via beloning of gevolg – niet via dwang.
→ SR werkt met timing en bekrachtiging.
*(Bron: Skinner, 1953)*
8. Te veel opwinding sluit leren af
Er is een optimale spanningszone. Te veel prikkels? Leren stopt.
→ SR bewaakt altijd de leerzone.
*(Bron: Yerkes & Dodson, 1908)*
9. Je lichaam spreekt luider dan je stem
Honden reageren op lichaamstaal, niet op woorden.
→ SR begint bij je houding en ademhaling.
*(Bron: McConnell, 2001)*
10. Observeren zónder corrigeren
Gedrag eerst begrijpen, dan pas begeleiden.
→ SR traint het oog vóór de hand.
*(Bron: Beerda et al., 1997)*
11. Stress herken je aan kleine signalen
Tongelen, gapen, trillen: signalen die je leert lezen.
→ SR maakt je trainer én waarnemer.
*(Bron: Beerda et al., 1998)*
12. Trauma verstoort leerfases
Honden met trauma doorlopen leerontwikkeling anders.
→ SR past tempo en structuur aan.
*(Bron: Bruce Perry, 2006)*
13. Emotionele systemen sturen gedrag
Systemen als SEEKING, FEAR en CARE bepalen reacties.
→ SR werkt met de biologie, niet ertegenin.
*(Bron: Panksepp, 1998)*
14. Clickertraining is exacte communicatie
De klik is geen trucje, maar neurobiologische marker.
→ SR gebruikt markergeluid als precisie-instrument.
*(Bron: Egtvedt, 2005)*
15. Je hond leert wie jij bént, niet wat je zegt
Jouw rust, intentie en congruentie zijn leidend.
→ SR traint de handler als co-regulator.
*(Bron: Grandin, McConnell, Dana)*
16, Co-regulatie is wederkerig
Rust brengen ís trainen. Wat je uitstraalt, wordt gespiegeld.
→ SR start niet bij de hond, maar bij jou.
*(Bron: Porges, Dana, Katayama)*
17. Geen correctie zonder verbinding
Zonder relatie geen invloed – en zonder rust geen correctie.
→ SR corrigeert niet, maar begeleidt.
*(Bron: Overall, Lindsay)*
18. Keuzevrijheid bevordert leren
Honden leren beter als ze zelf iets mogen kiezen.
→ SR laat ruimte zonder chaos.
*(Bron: Susan Friedman, 2004)*
19. Emoties zijn contextafhankelijk
Eenzelfde prikkel roept bij elke hond iets anders op.
→ SR kijkt niet naar gedrag, maar naar betekenis.
*(Bron: Lisa Feldman Barrett, 2017)*
20. Empathie is evolutionair verankerd
Honden voelen met ons mee – neurologisch en sociaal.
→ SR benut deze verbinding als leermotor.
*(Bron: Frans de Waal, 2010)*
21. Spiegelen is neurologisch verankerd
Je intentie wordt gespiegeld via het brein van je hond.
→ SR werkt met het spiegelsysteem.
*(Bron: Rizzolatti, 2008)*
22. Medicatie en gedrag beïnvloeden elkaar
Gedrag, angst en medicatie hangen nauw samen.
→ SR houdt rekening met medische belasting.
*(Bron: Karen Overall, 2013)*
23. Kennelstress = leerblokkade
Chronische stress verstoort gedrag blijvend.
→ SR voorkomt overspanning door voorspelbaarheid.
*(Bron: Hennessy et al., 2001)*
24. Polyvagaaltheorie = de taal van veiligheid
Honden lezen veiligheid via houding, stem en afstand.
→ SR leert jou die taal beheersen.
*(Bron: Porges, 2007)*
25. Wetenschap én gevoel gaan samen
SR combineert harde data met zachte signalen.
→ Zo ontstaat een methode die werkt – én klopt.
*(Bron: alle bovenstaande bronnen)*